Grensverleggende geneeskunde voor topreferente patiënten

De aorta of grote lichaamsslagader is de slagader waarin het bloed terecht komt als de linkerkamer van het hart samentrekt. De belangrijkste taak van de aorta is om via verschillende zijtakken het bloed naar alle organen van het lichaam te transporteren. De aorta vertakt zich in zijtakken naar de armen, het hoofd, de darmen, de nieren en de benen.
De doorsnede van de aorta is afhankelijk van de leeftijd en geslacht en varieert bij volwassenen van 15 tot 30 mm. Soms komt het voor dat de diameter van de aorta lokaal meer dan met een factor twee toeneemt. Dan is er sprake van een aorta aneurysma. De oorzaak van een aorta aneurysma is meestal aantasting van de vaatwand. Ook een aangeboren afwijking aan het vaat weefsel kan het ontstaan van een aneurysma veroorzaken. Het vaakst ontstaat een aorta aneurysma in de buikslagader onder de aftakking van de nierslagaders (abdominaal aneurysma). Een aneurysma kan ook in de aorta in de borstkast ontstaan (thoracaal aneurysma). Indien de gehele aorta in de borst en buikholte verwijd is, heet dit een thoraco-abdominaal aorta aneurysma.
Behandeling
Bij het groter worden van de diameter van de aorta, neemt de kans toe dat de vaatwand scheurt. Dit leidt tot een ernstige inwendige bloeding, meestal met de dood tot gevolg. Heeft de aorta lokaal een diameter van 5,5 cm of meer (in de buik) of 6 cm of meer (in de borstkas), dan is het zinvol het aneurysma via een operatie te behandelen. Het risico van de (ingrijpende) operatie is dan kleiner dan het risico op scheuren tijdens niet-operatieve behandeling. Het doel van de operatieve behandeling is om het aneurysma uit te schakelen en scheuren te voorkomen.
Naast de open operatie via borstkasholte en/of buik, bestaat er vaak ook de mogelijkheid tot een minder invasieve behandeling: het inbrengen van een endovasculaire vaatprothese (c.q. endoprothese / stent-graft). Bij deze ingreep overbrugt een – via de liesslagader(s) ingebrachte - vaatprothese van binnenuit het uitgezette deel van de aorta. Eenmaal op zijn plaats klemt de vaatprothese zich vast in de niet-uitgezette slagaders boven en onder het aneurysma, waardoor er in geen bloedstroom meer is in het aneurysma. Het aneurysma kan dan niet meer openscheuren onder de druk van het bloed.
Belangrijkste problemen die kunnen optreden na deze ingreep zijn:
Alternatieve behandelingen
Indien het aneurysma qua vorm niet geschikt is voor een endovasculaire behandeling en de patiënt wel sterk genoeg is om een open operatie te ondergaan, is dit laatste mogelijk. Voor het aneurysma van thoraco-abdominale aorta worden de principes van deze techniek beschreven in het onderdeel “thoraco-abdominale aorta”.
Betrokken specialismen
Vaak bestaat er een samenwerking tussen vaatchirurgie en interventie radiologie aangaande de endovasculaire behandeling van abdominale, thoracale en thoraco-abdominale aneurysmata. Met name bij de thoracale en thoraco-abdominale aneurysmata is er vaak ook een samenwerking met cardiologie, cardio-thoracale chirurgie en/of klinische neurofysiologie.
De Hart & vaatgroep www.hartenvaatgroep.nl
Nederlandse Hart Stichting www.hartstichting.nl
Dhr. Prof. Dr. D.A. Legemate (d.a.legemate@amc.uva.nl)
Dhr. Dr. R. Balm (r.balm@amc.uva.nl)

Marfan syndroom, algemene informatie van het Erfocentrum
Aneurysma, informatie van de Hartstichting