Psychiatrie sterk verweven met somatische geneeskunde

Hulp voor 10% ‘onbehandelbare’ angststoornissen

Hulp voor 10% ‘onbehandelbare’ angststoornissen

Dr. Nienke Vulink is psychiater en hoofd van de afdeling Angststoornissen van het Academisch Medisch Centrum (AMC) van de Universiteit van Amsterdam. Samen met Damiaan Denys schreef zij ook het boek Body Dysmorphic Disorder (2011), het eerste Nederlandse handboek over deze aandoening waarbij mensen een ziekelijke preoccupatie met hun uiterlijk hebben. “Mensen met een angststoornis weten goed dat hun klachten irrationeel zijn.”

Iedereen kent angst, maar als angst het normale dagelijks leven belemmert wordt het een stoornis. De lijdensdruk van angst- en dwangstoornissen is enorm. In tegenstelling tot patiënten met een psychose zijn patiënten met een angststoornis zich heel goed bewust van de onredelijkheid van hun angst. Alleen zijn ze niet in staat om er iets aan te doen. Ongeveer één op de vijf Nederlanders heeft ooit in haar leven een angststoornis, terwijl één op de vijftig Nederlanders een dwangstoornis heeft. Naast persoonlijk lijden brengt dit ook een verlies van arbeidsproductiviteit met zich mee. Deze stoornissen zijn evenwel goed te behandelen met gerichte behandelingen.


Tijdens Deep Brain Stimulation worden de hersenen geprikkeld heel gericht geprikkeld.

Deep Brain Stimulation

Van de patiënten  met dwangstoornissen is 90% goed te behandelen. Voor de 10% die niet goed reageert op een behandeling in de periferie heeft de academie het nodige te bieden, stelt Vulink. “Sinds 2006 werken we in het AMC bijvoorbeeld met diepe hersenstimulatie. Daarvoor hebben we eerst het nodige proefdieronderzoek kunnen doen, omdat er voor angst- dwangstoornissen goede proefdiermodellen bestaan. Onder andere bij muizen en bij ratten hebben we modelonderzoek gedaan om de werkzaamheid van diepe hersenstimulatie te meten.” Bij diepe hersenstimulatie of DBS, wordt een elektrode onder lokale verdoving in de relevante basale kernen geplaatst die eerst via een MRI-scan zijn geïdentificeerd. “Dat is een vrij bescheiden ingreep”, stelt Vulink. “Met behulp van een soort pacemaker kan die elektrode vervolgens worden gestimuleerd. Met 42 behandelde patiënten is het AMC op dit moment internationaal koploper in het toepassen van diepe hersenstimulatie. Dat waren allemaal mensen die niet op medicatie en klinische cognitieve gedragstherapie reageerden. Van deze groep reageerde 60% wél positief op deze stimulatie. Dit hebben we dubbelblind getest, dus noch de patiënt, noch degene die de symptomen beoordeelde wist of de stimulatie aan of uit stond.”

“Met diepe breinstimulatie kunnen we mensen helpen die geen baat hebben bij medicijnen en therapie”

Vaste grond onder de voeten

Uit ervaringen van patiënten blijkt dat de minuscule elektrische spanning van de DBS op een gericht stuk van het brein een groot verschil kan maken, zo laat Vulink aan de hand van een patiëntenvideo zien. “Een patiënte die haar angstgevoelens zonder werkende DBS een 10 geeft op een schaal van 0 tot 10, heeft het gevoel dat ze weer ‘vaste grond onder de voeten krijgt’ zodra de DBS wordt aangezet. Naast dwangstoornissen zou DBS mogelijk ook kunnen worden ingezet in de zorg voor verslaafde patiënten, voor mensen met een eetstoornis, bij agressief gedrag of mogelijk zelfs bij dementie”, aldus Vulink.

Besparen op somatische zorg

De zorgverzekeraars hebben ooit verondersteld dat een psychiater op de stoel naast iedere ‘somatische specialist’ een besparing zou kunnen opleveren van 40% op de somatische zorg. Volgens Vulink is die veronderstelling behoorlijk boud, maar toch zeker niet zonder grond. “Het behandelen van psychiatrische stoornissen is ontegenzeggelijk van groot belang voor de somatische zorg. Uit een inventarisatie binnen het UMC Utrecht en het AMC blijkt dat van ruim 530 patiënten bij de dermatologie 8,5% eigenlijk een psychiatrische diagnose heeft, namelijk Body Dysmorphic Disoder (BDD), een stoornis waarbij mensen denken dat ze lelijk of zelfs misvormd zijn. Voor 182 patiënten bij de kaakchirurg was dat zelfs 10%. En bij de plastisch chirurg had 3,2% BDD. Deze patiënten zijn niet geholpen met een somatische behandeling, maar hebben behandeling nodig voor BDD op de afdeling psychiatrie.”

Psychodermatologie

Wanneer een reguliere dermatoloog één op de tien patiënten zou vertellen dat ze eigenlijk naar de psychiater moeten dan stimuleert hij of zij waarschijnlijk vooral de omzet van de privéklinieken, zo veronderstelt Vulink, “Daarom hebben we in het AMC sinds kort een gecombineerde psychodermatologie polikliniek, waar we patiënten op een reële manier naar de juiste specialist kunnen loodsen.”

NFU Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra / Oudlaan 4, 3515 GA / Postbus 9696, 3506 GR Utrecht / T 030 273 98 80 / nfu@nfu.nl