Goede voorbeelden hoofdbehandelaarschap in umc’s

Uitvoeringsprotocol hoofdbehandelaarschap KNO

Samenvatting

Dit document bevat het Protocol hoofdbehandelaarschap voor patiënten behandeld door de afdeling KNO

Wijzigingen t.o.v. vorige versie

Versie 1 (Odin): Gereviseerd.

Doel

Iedere patiënt behandeld door de afdeling KNO krijgt een hoofdbehandelaar. In een schema (zie paragraaf werkwijze) wordt dit hoofdbehandelaarschap geformaliseerd.

Uitvoerenden en verantwoordelijken

  • Medisch Specialisten
  • AIOS
  • administratief personeel verpleegafdeling en polikliniek

Betrokken instellingen en afdelingen

  • Polikliniek KNO
  • VEA1
  • VEA2
  • Spoedeisende hulp

Werkwijze

1. Nieuwe patiënt op de polikliniek

A. Een patiënt komt op de polikliniek en wordt gezien door de arts-assistent.
Verantwoordelijke: Arts-assistent of Medisch Specialist
Hoofdbehandelaar: Supervisor van dat moment/Specialist met subspecialisatie die meekijkt

B. Het hoofdbehandelaarschap gaat zo nodig over naar de medisch specialist met de subspecialisatie waar het probleem het beste bij past nadat de patiënt ook gezien is door deze specialist.

2. Patiënt op de polikliniek met de vraag tot mede-behandelaarschap
Verantwoordelijke: Behandelend arts op de polikliniek
Hoofdbehandelaar: Verwijzende hoofdbehandelaar

3. Patiënt die wordt opgenomen op de Verpleegafdeling

C. Electief:
Verantwoordelijke: Specialist die tot opname besluit
Hoofdbehandelaar: Operateur

D. Opname SEH:
Verantwoordelijke: Arts-Assistent van dienst
Hoofdbehandelaar: Supervisor van dienst totdat de patiënt eventueel overgedragen wordt naar een specialist met speciale competentie op het probleemgebied.
Overdrachtmoment: Ochtendoverdracht

E. Overname:
Verantwoordelijke: Overnemende specialist/supervisor
Hoofdbehandelaar: Supervisor van dienst totdat de patiënt eventueel overgedragen wordt naar een specialist met speciale competentie op het probleemgebied.
Overdrachtmoment: Ochtendoverdracht

4. Patiënt in de kliniek met meerdere behandelende specialismen

Verantwoordelijke: Zaalarts
Hoofdbehandelaar: Opnemend Specialist

Opmerkingen:

  • Nieuwe patiënt krijgt een visitekaartje waar de namen van stafleden op staan. De verantwoordelijke dokter (arts-assistent) stempelt zijn eigen naam op en kruist het staflid aan.
  • De hoofdbehandelaar wordt in het EPD vermeld door de verantwoordelijke arts. De behandelende specialist is meteen hoofdbehandelaar wanneer de patiënt als eerste bij hem of haar komt.
  • Wanneer de patiënt terug komt ter controle en het hoofdbehandelaarschap is veranderd dan word er een nieuw kaartje afgegeven.
  • Wanneer een SEH patiënt een nieuwe hoofdbehandelaar krijgt (dus niet meer de dienstdoende supervisor) wordt dit door de zaalarts in het EPD genoteerd. Het is verstandig als hoofdbehandelaar af en toe even het zaaloverzicht te controleren.
  • Toevoeging aan de ochtendoverdrachten: vermelden wie de hoofdbehandelaar is. Wanneer dit niet klopt moet dit veranderd worden!

Bronvermeldingen

  • Richtlijn hoofdbehandelaarschap AZM, ODIN 000387

Verklaring van uitgifte

Geldigheid

Dit docum,ent in elektronische vorm is de enige geldige versie.

Fouten

Mocht u een fout ontdekken of een opmerking willen plaatsen gebruik hiervoor dan bij voorkeur de optie ‘opmerking plaatsen’in het betreffende document. U kunt ook contact opnemen met documentmanagement via e-mail: ODIN@mumc.nl of via tst. 75990 of 71650.

Auteursrechten voorbehouden

van het azM niet toegestaan iets uit dit document te verveelvoudigen of openbaar te maken door middel van druk, fotokopie, microfilm of enige andere vorm, hetgeen ook van toepassing is op gehele dan wel gedeeltelijke al dan niet elektronische bewerkingen of verwerkingen.

Personalia

  • Coördinator: M. Lacko, KNO-arts
  • Auteur: K. W. Kross, KNO-arts
  • Beoordelaar(s): staf KNO, voorzitter B. Kremer, KNO-arts
  • Inhoudelijk hoofdverantwoordelijke: B. Kremer, KNO-arts
  • Autorisator: M. Lacko, KNO-arts
NFU Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra / Oudlaan 4, 3515 GA / Postbus 9696, 3506 GR Utrecht / T 030 273 98 80 / nfu@nfu.nl