Cao universitair medische centra

artikel 9.7.1 Nagelaten betrekkingen

  1. In aanmerking voor een overlijdensuitkering, als bedoeld in artikel 9.7, eerste lid, komen in navolgende rangorde: 
    1. de weduwe of weduwnaar, dan wel partner, van wie de overledene niet duurzaam gescheiden leefde; 
    2. de minderjarige kinderen van de overledene; 
    3. de meerderjarige kinderen, ouders, broers of zusters die voor het levensonderhoud geheel of grotendeels afhankelijk waren van de bezoldiging van de medewerker. 
  2. Onder kinderen bedoeld in het eerste lid worden mede begrepen natuurlijke kinderen en kinderen voor wie de overledene de zorg droeg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind, als was het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of van het ontvangen van een vergoeding daarvoor. 
  3. Indien de overledene geen enkele van de betrekkingen genoemd in het eerste lid nalaat, kan de werkgever de overlijdensuitkering uitkeren voor de betaling van de kosten van de laatste ziekte en van de lijkbezorging, indien en voor zover de nalatenschap van de overledene voor de betaling van die kosten ontoereikend is. 
NFU Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra / Oudlaan 4, 3515 GA / Postbus 9696, 3506 GR Utrecht / T 030 273 98 80 / nfu@nfu.nl